Seizoensgroente

Pastinaak: herfst roept om stoere oergroente

Door Linda Adrichem

 De Pastinaca sativa, oftewel pastinaak, is weer helemaal hip in de Nederlandse keuken. Waar hij ooit verdreven was door de wortel (geïmporteerd vanuit het Midden-Oosten) en aardappel (geïmporteerd uit Zuid-Amerika), zie je hem steeds vaker weer verschijnen in supermarkt en restaurant. Dat is natuurlijk niet voor niets. Deze witte knol is verrukkelijk, en daarnaast ook nog eens super gezond.

Pastinaak2Onze geschiedenis als pastinaak eters gaat al vele eeuwen terug. Toen we nog rondliepen met knuppels en dierenvellen wisten we de wilde variant van deze wortel al in onze gerechten te waarderen. Ook de oude Romeinen en Egyptenaren waren er dol op en het schijnt dat de pastinaak destijds de meest gegeten groente was. De Romeinen hebben er tevens voor gezorgd dat de gecultiveerde versie bij ons geliefd raakte: hij bleek hier zelfs een stuk groter te worden dan gewoonlijk was rond de Middellandse zee.

 Pastinaak barst van de vitamine C, K, B, calcium en ijzer en schijnt daardoor een krachtig wapen te zijn tegen dementie, osteoporose, hartziekten en somberheid. Ook zou het eten van deze zoete witte wortel cellulitis tegengaan. Er zijn zelfs bronnen die beweren dat pastinaakconsumptie lustopwekkend zou zijn. Allemaal mooi meegenomen als je toch al lekker zit te tafelen.

 Ook kinderen weten de zoete smaak van pastinaak te waarderen. Mijn dochter kreeg al pastinaakprakjes vanaf dat ze een half jaar oud was. Door hun smeuïge structuur kun je ze goed verwerken in stamppotjes met aardappel en/of wortel. Daarnaast kan je ze heel goed grillen of bakken met wat zout, peper en olijfolie.

 Let er wel op dat je pastinaken niet te lang bewaart. Na een dag of vier neigen ze meer naar schoenzoolvoer, en zijn derhalve een stuk minder lekker. Mocht je ze toch willen bewaren, doe dit dan in een geperforeerde plastic zak in de koelkast.

 

Recept voor een romige pastinaaksoep

 Dit recept is een aanrader van VIDK kok Peter Janssen van kookstudio Peter Pan. Zoals hij zelf zegt: ‘In de herfst, als de dagen korter worden en de wind steeds harder tekeer gaat, zoek ik troost vanwege de weggezakte zomerzon. Deze romige aardse soep, in combinatie met de verrassende smaak van karwijzaad, laat de zon binnenin schijnen.’

 

Ingrediënten voor 6 personen:

4,5 st. geschilde pastinaakPastinaak1
1 gesnipperde ui
2 teentjes knoflook
1 tl. karwijzaad
1 l. groentebouillon
3 dl. witte wijn
50 ml. room
2 el. honing
1 tl. witte wijnazijn
2 tl. bloem
1 st. laurierblad
1 tl. gedroogde tijm
bieslook ter garnering
olijfolie om in te bakken

 

Bereiding:

Verwarm de oven voor op 210 graden. Snij de pastinaak in gelijkmatige stukken van ongeveer 4×4 cm. Bak de stukken in olijfolie tot ze lichtjes bruinen. Leg de pastinaak nu op een bakplaat en schenk de honing er overheen. Zet dit in de oven en rooster ongeveer tien minuten, of tot de pastinaak gaar is. Gare pastinaak ruikt naar vrouwenzweet overigens; een leuk en praktisch weetje voor de thuiskok. Pas op dat de honing in de oven niet te donker van kleur wordt.

Bak ondertussen in een soeppan de uien, knoflook en karwijzaad tot ze glazig zien. Voeg dan op laag vuur de bloem toe en laat dit twee minuten garen. Voeg vervolgens geleidelijk en onder voortdurend roeren de wijn toe, zorg dat er geen klontjes ontstaan. Voeg nu de bouillon en de azijn toe en het laurierblad en de tijm. Tot slot gooi je de gare pastinaak in de pan, waarna je het geheel met een staafmixer pureert. Neem een tweede pan en zet daar een bolzeef op en roer hier de soep door. Voeg aan het eind de room toe, de soep mag nu niet meer koken. Serveer de soep warm en garneer met fijngesneden bieslook.

 

Post-posteleintrauma

Door Felia Boerwinkel
 

Rights reserved by Mosaica / flickr.com 
Mijn moeder had vroeger haar postelein-periodes. Iedereen kent dat wel: een bepaald ingrediënt of gerecht dat je net even wat vaker kreeg voorgeschoteld. Met ouders die consequent weigerden ‘kindervoedsel’ te koken, leidde dat bij ons nogal eens tot een dosis drama aan tafel. Spinazie was ook zo’n ingrediënt, net als gekookte wortels, bietjes… Maar vooral postelein. Hoe kón m’n moeder ons zoiets vies voorschotelen.

Gelukkig groeien we over het merendeel van onze eettrauma’s heen. Spinazie eet ik nu heel vaak, bietjes herontdekte ik jaren terug in Australië, waar ze het veelal als broodbeleg gebruiken (en nou ben ik toevallig dól op broodjes-met-vanalles), wortels zijn altijd welkom op mijn bord, en postelein… tja, dat heb ik sindsdien gewoon nooit meer gegeten. Zou ik het nu lekker vinden?

De seizoensgroente van deze maand belandt niet geheel toevallig nooit op m’n bord. Postelein wordt ook wel ‘de vergeten groente’ genoemd. Ik krijg bijna medelijden met het plantje.

Nader onderzoek naar deze groente plant een zaadje van spijt in me, want postelein blijkt een bejubeld superfood te zijn (geen idee wanneer iets gekwalificeerd kan worden als superfood overigens, en ‘gezond’ is altijd relatief… maargoed, postelein is gewoon erg gezond, laat ik dat even zeggen). Dit mooie plantje gaat, net als het immens populaire rucola, in het alledaagse als onkruid door het leven. Google leert me dat postelein van de bladgroenten de hoogste dosis omega 3-vetzuren bevat en aldus een goed alternatief is voor vette vis. Verder bevat het meer ijzer dan spinazie en een reeks aan mineralen en vitamines. Bij kwalen als verstopping, ontsteking van de urinewegen, brandend maagzuur of gewoon koorts, zou het ook kunnen helpen. Maar dat zegt Wikipedia, daar wil ik liever mijn vingers niet aan branden. Postelein (‘purslane’ in het Engels) kan gekookt worden, gestoomd, gebakken, gewokt of rauw gegeten.

De postelein van mijn moeder kwam altijd uit een pannetje; ik denk niet dat ik met dit type recepten moet beginnen. Laten we dus, het stijgende kwik in ogenschouw genomen, een recept uitlichten waar de postelein rauw gegeten wordt. En laat ik jullie dan ook bekennen: het is écht vurrukuluk.

Koude aardappel-postelein salade

We moeten af van onze angsten voor koude aardappelsalades. Goed bereid, is dit één van de lekkerste zomerse bijgerechten. Ik vond onderstaand recept op een blog van een Hawaiibewoner, die graag ‘tijd spendeert op het strand en in de keuken’. Hawaii-mindset aan dus.

Kook zes ongeschilde rode aardappelen (Roseval, bijvoorbeeld), tot ze net gaar zijn. Spoel ze af en laat ze afkoelen in koud water. Snijd ze daarna in stukjes, met behoud van de schil. Snijd vervolgens vier strengen lente-ui en 500 gram porseleinblaadjes in stukken. Gooi het bij de aardappelen. Gooi er vervolgens een hand kappertjes bij, naar smaak. Voor de dressing meng je de volgende ingrediënten: een goede scheut goede olijfolie (ongeveer acht eetlepels), twee eetlepels citroensap, twee eetlepels rode wijnazijn, een geplette knoflookteen, een theelepel Franse mosterd, een halve theelepel dragon (heel belangrijk! Dit is ontzettend lekker in een koude aardappelsalade.), zout en peper naar smaak. Kijk hoeveel dressing je nodig hebt om de salade goed te doordringen. Het is het lekkerst als je alles een paar uur laat intrekken in de koelkast. Voor het opdienen kan je er eventueel nog wat dressing bij gieten.

Eet smakelijk!